2001 – Versus de Knikkerkampioen

Løuie Hamers

-
Løuie Hamers (1994), schrijver/student aan het HKU. Schrijft over de tragikomische kanten van het leven en vermakelijke onvolmaaktheden. Gefascineerd door onder andere rotondes, diepzeevissen en mensen die gefascineerd zijn door onder andere lantaarnpalen, dubbellikkers of muurverf. Naast schrijver drummer. Meer weten? Neem contact op. Gegarandeerd binnen twee jaar reactie.
Løuie Hamers

Latest posts by Løuie Hamers (see all)

Basisschool, groep 4. Schoolgenoten en ik hebben last van een corrupte knikkerkampioen en zijn broertje. De knikkerkampioen zit in groep zeven en heet Edgar. Ondanks dat Edgar met gemak menig potje knikkeren eerlijk kan winnen, heeft de megalomanie de overhand genomen, waardoor hij het spel prefereert over te slaan en kinderen direct van hun knikkers te ontnemen.

Zijn broertje heet Thomas. Hij zit in groep vijf, is voor een negenjarige angstaanjagend gespierd en doet niets liever dan zijn kracht in de praktijk toe te passen op kinderen van de leeftijdscategorie vier tot acht. Als kinderen een poging doen tot het terugkrijgen van hun afgepakte knikkers, garanderen Edgar en Thomas dat ze modder te eten krijgen.

Juffen en meesters doen hier niets aan: zwijgend kijken ze toe door het raam van hun kantine naar het schoolplein, terwijl ze koffie drinken en sigaretten roken.

Het duurt slechts enkele weken totdat Edgar en Thomas alle knikkers van alle knikkerende kinderen in hun bezit hebben. Op die van mij na, want hoewel ik aanleg en passie heb voor knikkeren, begeef ik mij niet in het competitief knikkercircuit. Slechts enkelen op school zijn op de hoogte van mijn knikkervaardigheden, doordat zij mij na school hebben zien knikkeren op een pleintje twee straten verwijdert van de basisschool.

Op een donderdag, regenachtig genoeg om de gehele pauze in het klaslokaal te spenderen, eet ik een boterham met vruchtenhagel, terwijl ik knielend door een groep klasgenoten gevraagd word of ik alsjeblieft de knikkerkampioen van z’n troon wil knikkeren. Het verhaal van dat ik kan knikkeren heeft zich blijkbaar rondgeproken in de wandelgangen. Het heeft dus geen zin meer om mijn knikkertalent geheim te houden.

Ik word er zenuwachtig van. Ik zeg tegen mijn klasgenoten dat als ik Edgar zou uitdagen, hij mijn knikkers afpakt en samen met Thomas in elkaar zou slaan, zoals gebleken bij andere knikkeraars die dapper slash dom genoeg waren om dit te proberen. Vanuit de achterste rij hoor ik een meisjesstem zeggen dat als ik denk te kunnen winnen, ik haar knikker mag gebruiken.

Het is een zachtaardige stem die ik uit duizenden herken, behorend tot het leukste meisje van de klas. Haar naam is Zoey, en haar kastanjekleurig krullend haar, diamantblauwe ogen, en aanstekelijke glimlach zijn slechts een greep uit de ontelbare redenen waarom ik een crush op haar heb. 

Ze schuift haar lade open en haalt er een zwart doosje uit. Ze overhandigt het doosje aan mij. Ik leg m’n half opgegeten boterham in m’n lunchtrommel, veeg m’n hand af aan m’n broek en maak het doosje voorzichtig open. Ik zie een knikker waarvan ik nooit heb durven dromen dat ik hem ooit in het echt te zien zou krijgen. Een RB42s bloedbonk: een roodtransparante knikker met een diameter van 42mm, twee parallel lopende gouden glitterslierten aan de buitenkant en een verstopte blauwtint die, mits hij in direct licht bekeken wordt, zich onthult door een lichtpaarse gloed in de kern. De knikker is gefabriceerd van maart tot en met juli 1991, en is in zo’n beperkte oplage te verkrijgen, dat prijzen op eBay, zeker in deze staat, kunnen oplopen tot 200 dollar exclusief, omgerekend zo’n 450 gulden.

Na het aandachtig bekijken van de bonk, ontpopt er een plan in mijn hoofd, en durf ik te stellen dat deze knikker een cruciale rol kan spelen in de oplossing voor de tirannie op het schoolplein. Zoey kijkt mij hoopvol aan. Ik wilde vragen hoe ze aan de knikker komt, maar acht deze vraag te diplomatisch voor het moment, dus in plaats daarvan vraag ik of ze zeker weet dat ik haar knikker mag lenen.

Zij zegt dat als iemand een kans maakt, dat ik dat ben. Ik bloos en zeg ‘oké dan’, waardoor alle klasgenootjes ontladen; ze pakken me op en roepen mijn naam in koor. Even voel ik me het populairste jongetje van de klas. Een glimlach op mijn gezicht is onvermijdelijk; dit is mijn kans om indruk te maken.

Na de schooldag ben ik te vinden op mijn favoriete pleintje, waar ik mijn tijd spendeer om m’n knikkerafwikkeling te perfectioneren. Iets meer dan 3/4 van mijn worpen belandt in een keer in de pot. Ik hoop dat het accuraat genoeg is om Edgar te kunnen verslaan. Als de lantaarnpalen aanspringen en zowel de schemering als de miezerregen mijn gezichtsveld beperken, besluit ik voor zover mogelijk een vroege nachtrust te nemen.

Vrijdagmiddag, grote pauze. De hemel is wolkeloos en hoewel het lente is, competeert het weer met de heetste zomerdagen. Nadat ik een pakje appelsap heb genuttigd, loop ik richting de uithoek van het schoolplein, waar Edgar toekijkt naar hoe Thomas regenwormen voert aan een meisje uit groep twee. Op ongeveer tien meter afstand blijf ik staan. Ik roep Edgars naam en zeg dat ik hem uitdaag voor een knikkerduel. Edgar draait om en vraagt wie ik denk dat ik ben. Ik zeg mijn naam. Edgar zegt dat hij geruchten heeft gehoord over een bekwaam knikkeraar, maar dat als ik het ben, het hem tegenvalt.

Ik negeer zijn woorden, pak het doosje, haal de RB42s tevoorschijn en houd hem hoog in de lucht. Het zonlicht laat de bloedbonk er op zijn mooist uitzien. Ik schreeuw dat hij deze knikker vast kent en hij van hem is, als hij weet te winnen. Kinderen over het hele speelplein kijken mijn kant op, en vormen stukje bij beetje een publiek. Ik merk dat Edgar geïntrigeerd is door de schoonheid van de bloedbonk. Hij vraagt wat de deal is. Ik zeg dat als ik win hij alle gestolen knikkers moet teruggeven, hij ons met rust moet laten en zijn titel moet inleveren. In het publiek is er sprake van opgewekt gefluister; hun hoop om hun knikkers terug te krijgen keert weder, en het is voor het eerst sinds weken dat er glimlachen op het schoolplein te zien zijn.

Volgende week deel 2

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *