‘Het theater moet zichzelf opnieuw gaan uitvinden.’

Doutsen van Gosliga

-
Deze in Voorburg gehuisvestigde Friezin in hart en nieren betreedt sinds 2018 na een blauwe maandag op de studie Archeologie en een afgeronde theateropleiding het strijdveld der schrijvers.
Doutsen van Gosliga (1997) is in schrijven zo veelzijdig als in haar interesses. Van jeugdtheater tot thriller en van absurdistische poëzie tot luchtige voorstellingen. Ze gaat de uitdaging graag aan met een dosis Friese nuchterheid en een snufje maatschappij kritiek.
Daarnaast beheert ze met veel enthousiasme de sociale kanalen van De Schrijfopleiding!

Ik ben dus niet zo’n mensen-mens. Ik word ook wel eens introvert genoemd, of verlegen. Dat weerhoudt mij er blijkbaar niet van telkens sociaal ongemakkelijke situaties voor mezelf te creëren. Zo kwam het dat ik bij de vraag van Jelmer ‘Heeft iemand nog ideeën voor de blog?’ enthousiast begon te vertellen dat ik er over na zat te denken mensen te interviewen (huh, zat ik daar over na te denken?). Ik heb nogal de neiging geheel impulsief met ideeën te spuwen waarvan ik een paar minuten later een lichte paniekaanval krijg. Nu ik het hardop had gezegd kon ik er natuurlijk moeilijk meer onderuit, dus na een oproepje binnen de opleiding verzamelde ik zeven slachtoffers van mijn niet zo geweldige interviewskills. Overigens ben ik wel heel benieuwd wat deze schrijfstudenten te zeggen hebben. De eerste, Sem Anne, is godzijdank iemand die ik ook daadwerkelijk IRL (ode aan de msn-afkortingen) heb gesproken. Dat scheelt dan weer. Niet dat het wat uitmaakt voor mijn zenuwen. So here goes nothing…

Ik zit in de zon aan mijn keukentafel netjes te wachten tot 10 uur. Naast me een glas limonade met ijsklontjes (jezus wat is het warm deze week) en voor me een boekje met alvast wat vragen (want improviseren is niet mijn sterkste punt). Voor me op het scherm verschijnt Sem Anne van Dijk, vierdejaars. Na een minuut lang ik-hoor-je-niet-hoor-je-mij gedoe begin ik vol vertrouwen aan mijn eerste interview.

‘Je bent nu bezig met afstuderen toch?’ ‘Net klaar, dinsdag ingeleverd’

De eerste paniek slaat toe, is hij nog wel aan het schrijven? wat moet ik vragen? HELP. Ik ga onverschrokken door. 

‘Spannend..’ ‘Ja.. Nu op zoek naar andere dingen om te doen’

‘Heb je al andere projecten lopen?’

‘Ik ga schrijven voor jeugdtheatergroep Kwatta, verder nog niet zo veel. Een beetje de laatste dingen voor school doen. Ik maak me er nog niet zo’n zorgen over.’

Mijn oog valt op de gitaar op de achtergrond in Sem zijn kamer, ik overweeg er iets over te vragen. Maar zoals ik zei, ik ben niet goed in improviseren.

‘Wat doe je zoal op een dag?’

‘Ik heb doordeweeks vaak dit soort meetings. En ik lees veel. Verder probeer ik ook nog wat schrijfuren te maken, zodat ik er niet helemaal uitval. En ik bel heel veel, niet alleen videobellen, maar ook gewoon bellen. Met vrienden, om toch wat sociaal contact te behouden. Want dat is niet veel. Ik heb mijn beste vriend denk ik al een maand niet gezien… Ja…’

Emotionele stilte.

‘Vind je het lastig om tot schrijven te komen zonder inspiratie van buiten?’

‘In het begin wel. Op een gegeven momentje vind je daar een maniertje in. Je haalt inspiratie uit de krant, of tv-programma’s. Je gaat naar andere dingen kijken, en dat maakt het ook wel weer leuk. Mijn inspiratie ligt meestal in het sociale contact met mensen en in mijn omgeving, en nu is dat best wel weg. Maar ik let nu op wat ik op twitter lees, of in andere theaterstukken, en wat ik op tv zie. Ik probeer het kijken naar het nieuws een beetje op een laag pitje te houden, omdat ik er een beetje zenuwachtig van word. Maar ik kijk wel elke avond het achtuurjournaal. Daar vind je ook wel weer dingetjes. Dan word er weer iemand geïnterviewd en dan denk ik ‘jezus, alweer’. Ik heb die Jaap van Dissel nu denk ik vaker gezien dan mijn eigen opa en oma.’

‘Ja, ik snap je.’

Dit zeg ik meer uit beleefdheid. Mijn opa en oma heb ik nooit gekend, dus erg herkenbaar is het niet. Shit. Had ik net even iets goeds bedacht, maar ik weet niet meer wat. Het is ondertussen al eventjes stil en Sem kijkt me vol verwachting aan.

‘Ik had een hele goede vraag in mijn hoofd, maar die ben ik nu even kwijt. Ik moet eigenlijk even aantekeningen maken.’

Lekker Doutsen. Gelukkig kan Sem er wel om lachen.

‘Maar goed. Een andere vraag dan. Hoe is het leven zonder het Songfestival?’

‘Dat was wel een klap. Serieus. Ik zou er ook voor gaan werken. Ik zou een functie krijgen voor de ondersteuning van het lichtteam. Het Songfestivalseizoen begint meestal op 1 april, en eindigt 1 juni. En dat volg ik elk jaar. Ik kijk de repetities op Youtube, ik volg het nieuws over de artiesten, ik luister de liedjes door en door. Dat is nu wel echt weg. Dat vind ik wel heel erg jammer.’

Ik ben even heel blij met deze rake vraag. Maar vervolgens begin ik over iets waarvan ik dacht dat Sem er aan mee werkte, maar dat bleek niet zo te zijn. Dat was even ongemakkelijk. Research, Doutsen, onthouden.

‘Ik weet alweer wat ik net wilde vragen. Zie je deze periode met alle beperkingen als een kans om een nieuwe manier van schrijven te ontdekken?’

Hier moet Sem even over nadenken. Ik weet niet of ik een te moeilijke of juist een hele goede vraag heb gesteld.

‘Ik merk wel dat ik meer tijd heb, waardoor ik meer reviseer. Ik ben een hele slechte teruglezer en dat doe ik nu steeds meer. Dat is wel denk ik bevorderlijk voor mijn ontwikkeling als schrijver. En ik heb er een handje van om vaag te blijven in teksten, maar nu heb ik ook veel meer tijd om te concretiseren.’

‘Kom je hieruit als een betere schrijver?’

‘Nee. Wel als een moeiere schrijver. Het is wel zo dat we nu als generatie iets van belang hebben meegemaakt. Dus het zet wel je ideologieën in perspectief.’

‘Wat voor invloed heeft deze situatie op de theaterwereld?’

‘Je zult zien dat sommige theatergezelschappen niet meer kunnen bestaan, dat productiehuizen en fondsen minder geld uit te keren hebben. Je krijgt een volledige herstructurering van de theatersector. Waardoor je gezelschappen krijgt die minder kunnen maken en kleinere gezelschappen steeds meer uit het werkveld zullen verdwijnen. Dat is heel jammer en vervelend. Maar een deel van mij is ook blij dat het gebeurt en dat ik net afstudeer in dit werkveld. Ik sta aan de vooravond van een nieuwe herstructurering en daar kan ik mijn eigen plek in gaan vinden. Ik denk dat het voor nieuwe toneelschrijvers makkelijker gaat worden om hun plek te vinden.’

‘Denk je dat er een herwaardering komt voor cultuur in Nederland? Zoals je vaak na oorlogen en crises ziet?’

‘Oh nee dat denk ik niet. Ik kreeg laatst ook de vraag of we hier wat van gaan leren, deze crisis. Maar dat is natuurlijk onzin. Als dit voorbij gaan we allemaal weer vliegen, stikstof uitstoten en doorgaan waar we mee bezig waren. Individueel veranderen mensen misschien wel iets. Maar niet in het algemeen. Ik denk ook niet dat een groot deel van Nederland er nu naar verlangt in het theater te zitten, hoe jammer dat ook is. Het kan al heel lang gaan duren voordat mensen naast elkaar in het theater durven te zitten.’

‘Kan het de andere kant op slaan? Dat mensen nu zien hoe het is zonder een gedeelte van de cultuur en dat ze beseffen dat ze het helemaal niet nodig hebben?’

‘Daar ben ik niet zo bang voor. Dan kan je altijd zeggen dat ze dan ook hun Netflix  en hun Spotify kwijt zijn. Ik denk gewoon dat het een beetje hetzelfde blijft. En dat de positie van de kunsten niet gaat veranderen. Het theater moet wel zichzelf opnieuw gaan uitvinden.’

Dat klinkt wel mooi.

‘Heb jij behoefte om hierover te schrijven?’

‘Ik zou het wel jammer vinden als er over een paar jaar alleen nog maar Corona-stukken gemaakt worden. En je weet ook zeker dat er films over worden gemaakt. Terwijl juist nu je verbeelding overuren kan gaan maken. Om dan alleen maar over deze realiteit te schrijven, dat vind ik dan jammer. Ik vind de creativiteit die mensen nu hebben juist zo interessant. Ik denk ook dat er mooie dingen uit kunnen komen hoor. Zoals de prachtige gedichten die Melissa Knollenburg schrijft en in de Theaterkrant publiceert. Dat is een voorbeeld van wanneer het wel werkt. Maar ik denk dat het niet heel veel nieuwe thema’s met zich mee brengt. Ik ben geen optimistische schrijver wat dat betreft.’

Kijk, dat zijn de interessante stellingen.

‘Wat bedoel je daarmee?’

‘Ik ben optimistisch in hoe theater zijn functie kan gaan vervullen de komende tijd, en ik ben optimistisch over mijn rol daarin. Maar ik ben heel pessimistisch als schrijver en ik heb een heel pessimistisch wereldbeeld. Ik bedoel, kijk naar de president van Amerika. Het is onwerkelijk dat die man president is tijdens deze pandemie, dat hij mensenlevens in gevaar brengt. Maar ergens vind ik ook dat je de president krijgt die je verdient als land.’

‘Hoe was het in Amerika vlak voor de hel uitbrak?’

Lekker bruggetje dit.

‘Ja heel gek. Ik was er dus midden maart. Echt net voor de shit uitbrak. Ik was in New York. We kwamen daar op maandag aan, en toen kwamen er de eerste berichten uit Nederland dat dit best wel eens een serieus iets zou kunnen gaan worden. En het gekke was dat we daar in Amerika niks van merkten. Het was hartstikke druk, volle cafés en restaurants. De theaters waren nog open. En de woensdag sloot Broadway haar deuren, dus alle theaters in New York sloten haar deuren. Toen brak ook in New York de paniek uit. Een vriend van mijn vader die in New York woont vertelde dat tijdens 9/11 Broadway maar twee dagen dicht was. Daarna zijn ze gewoon weer gaan spelen. En nu ligt het al bijna een maand plat. En volgens de laatste berichten blijft het nog tot juni dicht. Toen begon je het wel echt te merken. Er waren steeds minder mensen op straat en ze begonnen mondkapjes te dragen. Overal verkochten van die 24-uurswinkels hand sanitizer op straat.’

Sem laat even zijn flesje Amerikaanse hand sanitizer zien.  

‘Op een gegeven moment ging Nederland maatregelen instellen. Toen zijn we naar het vliegveld gegaan en hebben we meteen geprobeerd terug te gaan. We zijn van vrijdag op zaterdag naar Amsterdam gevlogen. En die zaterdag brak de shit uit in Amerika, toen zouden de grenzen sluiten en stond het vliegveld helemaal vol. We zijn dus eerder weggegaan dan gepland, en bij aankomst moesten we even in quarantaine omdat we uit Amerika kwamen. Nu zijn we weer hier. Hier is het qua paniek vrij geleidelijk opgelopen. In Amerika heeft dat heel lang geduurd. Toen we de berichten uit Europa kregen dachten we dit is een groot probleem. In Amerika heeft dat echt tot die zaterdag geduurd voordat mensen het serieus namen.’

‘Is dat typisch Amerikaans?’

‘Ja. Bij Amerikanen is niks geleidelijk. Het is of dit of dat.’

‘Hoe zijn Nederlanders dan zo anders dan Amerikanen?’

‘Nouja. Als je een Amerikaan een bal gooit vangt ie hem, als je een Nederlander een bal gooit schopt ie hem’

Sem kijkt me aan met een triomfantelijke grijns. Het is even stil en ik probeer deze uitspraak te begrijpen.

‘Kan je die uitleggen?’

‘Wij hebben we voetbal als belangrijkste sport en zij hebben honkbal.’

Oké. En door.

‘Wat vind jij van de financiële regeling voor ZZP’ers, waar kunstenaars vaak buiten vallen? Vind je dat we over het hoofd worden gezien?’

‘Ik denk niet dat we over het hoofd worden gezien. Ik denk dat kunstenaars juist de eigenschap hebben om zichzelf altijd weer opnieuw uit te vinden. Dat is ‘onze’ kracht. Ik denk dat kunstenaars dit moeten zien als een periode waarin we even heel creatief kunnen zijn en ons opnieuw kunnen profileren als makers. Als je toneelschrijver bent, bel dan nu acteurs en regisseurs op, maak plannen voor als het voorbij is. Iedereen zit in hetzelfde schuitje, dus de hiërarchie is weg. We zitten aan de vooravond van iets dat een grote verandering kan zijn binnen de structuur en het fundament van theater. Ik ben bezig juist daarin nieuwe dingen te laten zegevieren.’

Dat ga ik vanaf nu ook maar proberen.

‘Heb je nog leuke serie/boeken tips?’

‘Sowieso moet je Tiger King kijken op Netflix. Dan zie je waarom Trump president is geworden, omdat Amerikanen debielen zijn. Verder ben ik een heel groot fan van Encore, een serie op Disney+ waarin Kristen Bell (van The Good Place) met oud-middelbare scholieren hun schoolmusical overdoet. Dan zie je mensen die vroeger samen een stuk maakten dat theaterproces opnieuw doormaken, dat is leuk om te zien. Ik heb ook twee theaterteksten die iedereen moet lezen. The Welkin, van Lucy Kirkwood, die is in februari in het National Theatre in première gegaan en ik denk dat die de komende tijd veel gespeeld gaat worden. En ik heb het debuut van Annie Baker (John – red.), een Amerikaanse schrijfster. Dat is nu misschien wel een van grootste theaterschrijftalenten in de wereld. Dus die twee vrouwen lees ik nu.’

‘Heb je ook tips om de dagelijkse routine wat vast te houden?’

‘Ik weet niet of je je dagelijkse routine moet aanhouden. Dat klinkt misschien gek als een autist dat zegt (Sem is autistisch – red.), maar probeer ook eens wat nieuws uit. Als je altijd ’s ochtends doucht, douche nu ’s avonds. Ik probeer allemaal nieuwe dingen uit. Maar als je dan toch een beetje structuur aan wil brengen, geef je zelf elke dag twee doelen. Dus bijvoorbeeld 50 pagina’s uit een boek lezen of twee vrienden bellen. Dat helpt mij heel erg. Ook al zijn het kleine doelen, zoals iets afstoffen of de drankkast opruimen. Dat geeft rust. En probeer verder wat dingen uit. Je hebt er nu toch de tijd voor.’

‘Dus zie het als een kans om jezelf te vernieuwen?’

‘Nou, niet zozeer jezelf. Maar om de omgeving om je heen te vernieuwen. Kijken wat er allemaal nog is naast wat je al doet.’

Dat is een mooie afsluiter. Ik bedank Sem voor zijn openheid en vertel hem dat we ruim 40 minuten hebben gekletst.

‘Dat moet je dan wel lukken’

Zeker.

One Comment

  1. Ik heb dit interview met heel veel plezier gelezen, ook door de intermezzi van Doutsen. En zeker ook door de antwoorden van Sem Anne.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *