Hoe ik het Heilige verloren ben

Latest posts by Daniël Klunder (see all)

Ik zit in mijn nieuwe studentenkamer. Mijn opa en oma zijn op bezoek, we zitten aan tafel en drinken thee. Ik heb ze al een tijd niet meer gezien dus we hebben veel om over bij te praten. Mijn oma vraagt naar mijn opleiding en wat ik nou precies doe. Ik vertel vol trots over een aantal teksten die ik geschreven heb, het gezicht van mijn oma verandert van een glimlach naar een blik vol afschuw.
“Oh jeetje,” zegt ze. Mijn opa kijkt zwijgend de andere kant op. Oma vraagt of het wel goed met me gaat, of mijn teksten per se zo heftig moeten zijn. Ik weet niet wat ik moet zeggen en neem een slok thee. Mijn oma doet het gesprek af met een: “Nou ja, goed, dus…” en verandert van onderwerp. 

Ik moet even wat context geven voor deze dialoog. Mijn opa en oma zijn beide actieve leden van de Kerk van Jezus Christus van de Heiligen der Laatste Dagen, kort gezegd de Mormoonse kerk. Ikzelf (en het gezin waar ik toe behoor) zijn actief lid geweest tot ongeveer mijn tiende, toen we er gezamenlijk officieel uitgestapt zijn. Sindsdien heb ik de kerk, en zijn regels, losgelaten en ben ik mijn eigen weg gaan zoeken in het leven en in spiritualiteit. Mijn nieuwe manier van leven, buiten de kerk, zorgt voor afstand en onbegrip tussen mij en haar leden.

Dankzij dit bezoek van mijn opa en oma ben ik aan het denken gezet. Ik voel me door deze gebeurtenis gedwongen me te verhouden tot mijn kerkelijke achtergrond, iets waar ik voorheen nooit zo mee bezig was. 

Ik dacht altijd dat die Mormoonse opvoeding van mij er zo diep in zat dat ik die niet snel kwijt zou raken. Aan de reactie van mijn opa en oma te merken, ben ik toch verder verwijderd van de kerk dan dat ik in eerste instantie gedacht had. 

De vraag waar ik mee blijf zitten, is: hoe ben ik hier terecht gekomen? Met mijn streng gelovige achtergrond schrijf ik nu opeens theaterteksten die blijkbaar niet door de beugel kunnen volgens de kerk. Op wat voor manier verschilt mijn huidige leven van mijn kerkelijk leven? 

Wat me opvalt is een bepaalde dualiteit. Aan de ene kant voel ik me helemaal niet meer verbonden met de kerk en probeer ik er zo ver mogelijk uit de buurt te blijven, aan de andere kant merk ik aan hoe ik naar de wereld kijk, dat er dingen, regels, zijn waar ik nog steeds naar leef. Hoe kan ik het losbandige studentenleven rijmen met een kerkelijke achtergrond? In hoeverre is dat achtergrond? 

Heeft u een moment om te praten over het boek van Mormon?
Het is belangrijk om te beginnen met het identificeren van het Mormoonse geloof. Hoe ziet die kerk eruit en wat voor gebruiken en regels worden er gehandhaafd? 

De Mormoonse kerk of, de Kerk van Jezus Christus van de Heiligen der Laatste Dagen, is opgericht in 1830 in de Verenigde Staten door Joseph Smith. Aan de basis van dit geloof ligt het boek van Mormon, waar de naam Mormonen vandaan komt. De Mormoonse kerk gelooft dat dit de enige ware kerk van God is. Het hoofd van de kerk bevindt zich in Salt Lake City, waar midden in het centrum een grote tempel is gewijd aan de kerk. Nederland heeft sinds 2002 ook een tempel, gevestigd in Zoetermeer. 

In Nederland is de Mormoonse stroming veel minder groot dan in de Verenigde Staten. Dit zorgt ervoor dat veel Mormoonse kerken niet in een daadwerkelijk kerkgebouw zitten, maar gebruik moeten maken van alternatieve ruimtes. De kerk waar ik in opgegroeid ben was de kerk van Amersfoort, die gebruik maakte van een groot oud woonhuis, ergens in een buitenwijk van de stad. 

De zondagen waren lang en vermoeiend. We begonnen ’s ochtends vroeg en waren ergens in de middag pas weer klaar. Er zijn diverse ‘klasjes’ zondagsschool voor het onderwijs van verschillende groepen. 

De kinderen tot twaalf jaar gaan naar het jeugdwerk. Hier leren ze de basis regels van het Mormoonse geloof. De kinderen moeten verzen leren uit het Boek van Mormon, worden voorgelezen uit de Bijbel en zingen liedjes met titels als Ik ben een kind van godIk hou van bidden en Danklied.

Kinderen ouder dan twaalf worden onderverdeeld in de jonge vrouwen en de jonge mannen, zij krijgen gescheiden les. Dit is het moment waarop het boekje Voor de kracht van de jeugd wordt geïntroduceerd, waar ik later meer over zal vertellen. 

Ook de volwassenen worden gescheiden. De vrouwen vormen samen de ZHV (Zusters hulpvereniging) en de mannen worden onderwezen over het priesterschap. 

Nadat elke groep zijn eigen lessen heeft gevolgd is er de avondmaalsdienst. Dit is de grote, gezamenlijke dienst, waarbij iedereen aanwezig is. De avondmaalsdienst bestaat meestal uit lange toespraken, bidden en het zingen van liederen. Het heet de avondmaalsdienst, omdat men als het ware van het Laatste Avondmaal neemt. Gezegend brood en water – geen wijn, want Mormonen drinken geen alcohol – worden rondgedeeld en symboliseren het lichaam en bloed van Jezus Christus.   

De avondmaalsdienst is het laatste op het programma van de dag, daarna kunnen de mensen weer naar huis. Zondag is een rustdag, dus veel meer dan naar de kerk gaan gebeurt er meestal niet. 

Regels, regels, regels
De Mormoonse kerk is er een met veel en specifieke regels. Natuurlijk zijn er de Tien Geboden uit de Bijbel waar kerklieden zich aan dienen te houden, maar er is meer. 

Je zou kunnen zeggen dat het Mormoonse geloof meer een levensstijl is dan een religie. Het kenmerkt zich door een sterk gekaderd leven met een duidelijke scheidslijn tussen wat goed en fout is. In zekere zin zou je kunnen zeggen dat het het leven een stuk makkelijker maakt omdat de Mormoonse kerk je vrij letterlijk een handleiding voor het leven aanbiedt. 

Een goed voorbeeld van waarom het Mormoonse geloof meer een levensstijl is blijkt uit de volgende regel: “Mormonen mogen geen alcohol of drugs gebruiken en niet roken.” Deze regel komt voort uit de gedachte dat je lichaam een tempel is en dus het huis van God, daar dien je goed voor te zorgen. Een ander aspect van de regel is dat bepaalde stoffen de directe band met God kunnen vertroebelen. Dingen als koffie, zwarte thee of cola zijn eveneens verboden omdat daar cafeïne inzit, wat onder drugs valt volgens de Mormonen. Dit soort regels zijn dingen die van kinds af aan worden aangeleerd bij het Jeugdwerk.  

De grootste en belangrijkste bron van alle regels van de Mormoonse kerk staan in het pamflet getiteld: Voor de kracht van de jeugd. Dit is de handleiding voor het leven volgens de Mormonen. Het boekje is gericht aan pubers en gaat langs alle denkbare keuzes en situaties waar je in terecht kan komen. Vanzelfsprekend heeft dit boekje overal een antwoord op. Het is de bedoeling dat wanneer je je netjes aan de regels van dit boekje houdt, je het eeuwig leven ontvangt en na de dood herenigd zal worden met je familie. 

“De normen in dit boekje vormen een leidraad bij de belangrijke keuzes die je nu maakt en die je nog zult maken. We beloven je dat je de invloed van de Heilige Geest zult voelen, dat je geloof en getuigenis zullen groeien, en dat je je gelukkiger zult voelen als je je houdt aan deze normen en aan de verbonden die je hebt gesloten.”

Het boekje legt duidelijk uit wat in verschillende situaties de juiste keuze is. Het bespreekt onderwerpen als amusement, muziek, vrienden, kleding en seksualiteit. De keuzes dienen altijd gemaakt te worden met de kerk en God in het achterhoofd. 

Ik ben uit de kerk gestapt voordat ik oud genoeg was om dit boekje te krijgen. Hoewel ik dit regelboekje pas later heb gelezen, was de striktheid waarmee de regels gepresenteerd worden op jonge leeftijd al voelbaar. Voor veel jongeren in de kerk ligt dit boekje aan basis van de opvoeding. 

Op welke manier helpt dit boekje bij de opvoeding? 

Door bijvoorbeeld te zeggen met wat voor soort entertainment je je wel en niet mag bezighouden. Het is niet toegestaan als er iets met geweld, grofheid, seksualiteit of obsceniteit in zit. Dit maakt de keuze aan televisie, films en boeken gelijk een stuk beperkter. 

De kerk waarschuwt je voor eventuele gevaren die deze media kunnen bevatten:

“Satan wil je met dergelijke media misleiden en de indruk wekken dat het slechte en verkeerde normaal, grappig en spannend is. Hij wil je doen geloven dat het overtreden van Gods geboden geen kwaad kan en geen negatieve gevolgen voor jou en anderen heeft.”

Seksualiteit is een groot taboe binnen de kerk. Er wordt duidelijk gesteld dat seks enkel bedoeld is voor voortplanting en dat masturberen iets is wat niet mag en waar je je voor moet schamen. Homoseksualiteit is vanzelfsprekend een zonde, maar misschien wel de grootste zonde die je kan begaan, op het gebied van seksualiteit, is pornografie bekijken. 

“Je inlaten met pornografie is een ernstige zonde die kan leiden tot andere seksuele overtredingen. Mijd pornografie tegen elke prijs. Het is een gif dat je zelfbeheersing verzwakt, je gevoel van eigenwaarde vernietigt en je kijk op anderen verandert.”

Het is de bedoeling je seksuele reinheid te bewaken. Dat houdt in: geen seks voor het huwelijk, trouw zijn aan je partner en je zo min mogelijk met seks bezighouden. Dit alles met als doel om uiteindelijk in het paradijs te komen. 

“Houd bij alles wat je doet de tempel in gedachten. In de tempel ontvang je de grootste zegeningen van de Heer. (…) Als je de normen in dit boekje naleeft, kun je de tempel bezoeken. Daar kun je heilige verordeningen voor je voorouders verrichten. En later kun je daar voor jezelf essentiële verbonden sluiten.”

Twee verschillende werelden 
Dit is denk ik waar het verschil in zit. Ik ben uit de kerk gestapt voordat ik te erg besmet ben geraakt met de strenge leer van de Mormoonse kerk. Dankzij mijn moeder, die de eerste stap heeft gezet om uit de kerk te gaan, ben ik vrijer opgevoed dan andere Mormoonse kinderen. 

Als student op een theaterschool word je gestimuleerd om grenzen op te zoeken en nieuwe gebieden te ontdekken. Je wil kunnen onderzoeken en experimenteren en je wordt uitgedaagd om je te verhouden tot de wereld en de mensheid. In plaats van een handleiding te krijgen voor hoe te leven, moet je zelf bedenken hoe je wil leven en wat je te zeggen hebt. 

Ik voel me gelukkig vrij genoeg om dat te kunnen doen, maar voor jongeren die in de kerk zijn opgegroeid is dat denk ik anders. Het vrij, ruim denken past niet binnen de Mormoonse levenswijze, sommige dingen zijn nou eenmaal taboe. Ik heb geluk gehad met mijn moeder. 

Ik had de vrijheid om wel over seksualiteit te kunnen praten en vragen te stellen over dingen die ik niet snapte of niet vond kloppen. De openheid om overal met mijn moeder over te kunnen praten, zonder oordeel. 

Dat heeft ervoor gezorgd dat ik de strenge leer los heb kunnen laten. Het zorgt ervoor dat ik comfortabel ben met het schrijven over onderwerpen als seks, dood, zelfmoord of verkrachting, dingen waar je van de kerk eigenlijk niet over na mag denken. Misschien wel juist door mijn Mormoonse achtergrond, ben ik extra gemotiveerd om dit soort ‘heftige’ onderwerpen te onderzoeken. 

Dat sommige onderwerpen een taboe zijn kan ik nog goed merken aan mijn vader. Hij is net zo lang uit de kerk als ik maar heeft er wel het grootste deel van zijn leven in doorgebracht. Ook hij heeft soms moeite met de onderwerpen waar ik over schrijf. Hij zegt dat het niet zozeer fout is maar dat het dingen zijn waar hij nooit over heeft kunnen praten thuis. 

Door zijn opvoeding in de kerk zit er bij hem een grote schaamte op seksualiteit. Hij wist er helemaal niks van af, was niet voorbereid op wat er komen ging en schaamde zich bovendien enorm voor zijn natuurlijke lusten. Vandaag de dag lijkt hij er iets makkelijker over te kunnen spreken, maar nog steeds is het een gevoelig onderwerp dat schaamte of zelfs schuldgevoelens bij hem oproept. 

Mijn opa en oma, die nog steeds actief lid zijn, leven al jaren volgens de Mormoonse wetten. Als je zo lang bepaalde dingen hebt aangeleerd is het natuurlijk lastig om daarvan af te stappen. Ik begrijp hun shock wanneer ik onderwerpen blootleg die normaal gesproken nooit ter sprake komen. 

Ik realiseer me dat de manier waarop ik mijn leven leid bijna recht tegenover de Mormoonse leer staat. Ik ben homo, geniet van seks, pornografie en ik schrijf teksten over onderwerpen die absoluut taboe zijn binnen de kerk. Wat voor relatie heb ik dan nog met de kerk? Maar vooral, wat voor relatie heb ik met de mensen die me dierbaar zijn, die nog wel onder invloed zijn van de kerk? 

 De kerkelijke achtergrond
Dus hier ontstaat de afstand tussen de kerk en mijzelf. Ik ben een vrijdenkende, creatieve student die continu aan het zoeken is naar wat voor plek hij wil innemen in de samenleving. De Mormoonse kerk geeft je een plek in de samenleving en een duidelijk handboek met de regels voor een gelukkig leven.

Ik ben blij dat dat niet meer mijn wereld is, hoewel ik me kan voorstellen dat het voor mensen die de weg kwijt zijn of die steun zoeken, enorm behulpzaam kan zijn om zulke duidelijke richtlijnen te krijgen. Het is een manier van structuur aanbrengen in je leven en het kan voor veel mensen zekerheid bieden. 

Ik zou denk ik niet eens meer aan de kerkregels kunnen voldoen, al zou ik het willen. Ik begeef me nu in zo een andere wereld dat die twee lastig samen gaan.

Soms merk ik dat mijn Mormoonse achtergrond toch even naar de voorgrond komt. Een van de dingen die ik heb overgehouden aan mijn opvoeding is dat ik geen alcohol, drugs of sigaretten gebruik. 

Als mijn vrienden of geliefden vrolijk vertellen over hoe ze hebben gezopen van het weekend, of hoe ze op een feestje een jointje hebben gerookt, voel ik iets van afkeer in mij. Ik ben dus toch niet helemaal losgeslagen van de kerk.

Ondanks dat ik het met veel regels niet eens ben, ben ik wel dankbaar voor wat mijn Mormoonse opvoeding mij heeft gebracht. Het feit dat ik religieus ben opgevoed zorgt ervoor dat spiritualiteit onderdeel uitmaakt van mijn leven. Het zorgt ervoor dat ik actief op zoek ga naar spiritualiteit en wat dat voor mij betekent. Wellicht, als ik niet kerkelijk was opgevoed, had geloof me koud gelaten. 

Misschien ben ik het heilige niet zozeer verloren maar is het heilige gewoon verandert. 

Ik kan het nu op mijn eigen manier vormgeven door actief op zoek te gaan naar wat spiritualiteit is en wat het betekent om een goed mens te zijn. 

Ik ben bezig steeds meer mijn eigen identiteit te vormen en ik ben blij dat ik de ruimte heb om dat zelf te kunnen doen. Van tevoren had ik gedacht dat ik alles zou afzweren van wat de kerk mij gebracht heeft maar nu denk ik dat ik het moet omarmen als onderdeel van mijn identiteit.

De kerk heeft mij gebracht dat ik me verhoud tot iets groters dan ikzelf. Ik filosofeer, lees boeken over levenswijzen en discussieer over levensvragen met vrienden. Dat is hoe ik kies om mijn leven vorm te geven. Ik schuw onderwerpen niet omdat ik bang ben dat ze niet door de beugel zouden kunnen. Als dat ervoor zorgt dat ik geen Heiligen der laatste dagen meer ben, zorgt het er in ieder geval voor dat ik heilig kan zijn op mijn eigen manier. 

Dit essay is geschreven voor het vak Beschouwend schrijven 2.

Bronnen:

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *