22nd jun

Terug- en vooruitblik: Het wonder van de schrijvers

Het waren woorden die nog hard nadreunden. Mathijs dropte die loodzware barz in de laatste week van het tweede jaar en liet ze daar gewoon liggen:

“Het derde jaar wordt vooral in het eerste semester erg zwaar. Daarna vallen jullie als klas uit elkaar.”

Vervolgens gaat hij doodleuk verder met praten over Osiris.

Blikken schieten kriskras door het klaslokaal, op zoek naar degene die misschien wel weet dat het een geintje is, maar die geruststelling is ons ditmaal niet gegund.

We wilden nog zoveel met elkaar meemaken: de eerste klasgenoot die een kind krijgt, de eerste klasgenoot die aan de harddrugs gaat en er door zijn schrijfbuddy’s weer bovenop komt, naar het strand met zijn allen, uit eten in een chique restaurant, meezing-avond in een Jordanese kroeg.

Deze showreel zal dus nooit werkelijkheid worden.

 

 

Er wordt veel te weinig gedanst op de HKU. Hier stoor ik mij stilletjes al jaren aan. En natuurlijk zullen mensen dit trachten te verklaren aan de hand van allerlei raciale stereotypen of zelfs meteorologische verschijnselen. (Een koud klimaat leidt tot stijvere spieren, kortere pezen en dat werkt nu eenmaal danslustverminderend.)

Deze verklaringen sneuvelen echter, als je in aanmerking neemt dat de heupen van onze welbespraakte acteurs net zo los zijn als hun lippen.

Maar ook dit stereotype houdt geen stand, want het wonder geschiedde…die glorieuze dag kwam. Maar…het kwam…van de schrijvers!

 

Het was een koude, natte donderdagochtend. Of dinsdagochtend. Of een van die andere dagen waarop je beter thuis kunt blijven. De zaal van het Akademietheater ligt bezaaid met kostuums, jassen, en lege koffiebekers. Heel veel koffiebekers, zo ver het oog reikt.

In deze ravage nemen de schrijvers van jaar 3 hun voorstelling door, worden qeue’s doorgesproken, geluiden en gobo’s getest. Serieuze zaken.

Er staan studiepunten en zelfbeelden op het spel. Die avond is namelijk de première van de Klinkers-voorstellingen.

Maar dan gebeurt het. Het begint bij Yentl, die daarmee achteloos weer een ander stereotype ontkracht: iets over Duitsers en geen gevoel voor humor.

Tussen de soundchecks door zet zij namelijk een onnoemelijk zwoel R&B nummer op. Leila aarzelt geen moment en zet de dans in, ik vergeet mijn opkomende griep en dans als een stamhoofd voor regen: vol overtuiging.

Overal om mij heen gaan de voetjes van de vloer. En dan sijpelt het besef naar binnen: We dansen! We dansen! Met zijn allen!

En daar tegen het einde van de opleiding hebben we toch nog een momentje dat niet zou misstaan in een Bollywood film.

Bedankt!

En om in sentimentele sferen te blijven: Hieronder onze namen en lijfspreuken:

 

 

 

 

 

“Nee, dan kan ik niet want dan zit ik in…<willekeurige topvakantie-spot>”

Anne Vera

 

Dat vind ik nogal wat

Mick

 

 

Gold!

Always believe in your soul!

You’ve got the power to know,

You’re indestructible!

Always believe in

Job

 

“Ik zal nooit een stuk schrijven dat zich afspeelt in de baarmoeder, gespeeld op de Parade door vrouwen met een kort pittig kapsel.”

Lotte

 

Heb jij trouwens…<danst terwijl ze quinoasalade eet>

Leila

 

“Daar kan ik best kniftig van worden.”

Eva

 

“Hmm…nee…nee. Nee.”

Sanne

 

“Je kan toch ook een personage hebben dat NIET streeft????!!!”

Roos

 

“Wie gaat er mee naar Hofman?”

Yentl

 

“Ik ga vanavond naar de hoeren.”

Wessel

Reacties (0)

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *